.

Gebed > Over gebed > Vormen > Monnikendom

Vormen van gebed in het monnikendom (7)

Woestijnvaders - vervolg 6

50: Liefde tot de evenmens

Vaak verwijt, dan woestijnvaders de naastenliefde ontliepen. Maar: wie kan een naaste liefhebben, als hij niet eerst inspanning heeft geïnvesteerd in de omvorming van zijn eigen hart? En in de praktijk deden de woestijnvaders veel voor anderen. Bijv. wekenlang een zieke in de stad verplegen. Helpen met de oogst en verdiensten weggeven. Christus in de noodlijdende ander zien en helpen.

51: Niet oordelen

Liefde voor de ander en respect voor diens eigenheid liggen dicht bij elkaar. Het hart van de ander is een mysterie. Oordelen - dat in de oude teksten altijd als veroordelen werd gezien - komt de mens niet toe. Gevaar ook, dat je te gauw denkt alle gegevens te kennen en dus oordeelt, terwijl dat niet zo is.

52 Zelfkritiek

Zo terughoudend als de monnik was om kritiek op een ander uit te oefenen, zo grif onderwierp hij zichzelf aan kritiek. Dit zagen de woestijnvaders als basis van het monnikenleven, om daarin te kunnen volharden.

53: De broeder verontschuldigen

Zelfkritiek en zijn medebroeder verontschuldigen liggen dicht naast elkaar. ''Wie zijn eigen zonden torst, ziet die van zijn naaste niet', verklaarde abt Mozes.' Door de schuld van een conflict bij jezelf te zoeken, is pas echt verzoening mogelijk.

54: De minste van de schepping

Jezelf als de geringste in de gehele schepping zien. Abt Poimen: zelfs tegenover een moordenaar. Want vanuit het standpunt van God is ook de geringste zonde ernstig. En een moordenaar moordt maar af en toe, terwijl deze abt dagelijks kleine zonden begaat, en daarmee de reinheid van zijn hart 'volkomen vernietigt'.

55: Gewetensonderzoek

Hier dagelijks tijd voor vrijmaken, soms meerdere malen per dag. 'De monnik moet elke avond en elke morgen zich rekenschap geven: welk van de dingen die God verlangt, hebben wij gedaan, en welk van de dingen die Hij niet verlangt, deden wij?'

56: Waakzaamheid

Oftewel nepsis. Geestelijke sobrietas, gekleurd door strenge ascese. Bewaken van de gedachten, riep in oudheid associatie op aan het bewaken van een gevangene ® je neerzetten in je cel, en daar voortdurend aan God denken, door het Jezusgebed te herhalen.

57: Nalatigheid

Een kleine nalatigheid, onnadenkendheid kan uiteindelijk uitlopen op zonde. Vandaar nepsis, om dit onkruid onmiddellijk uit te trekken. Monnik-zijn vergt daarom voortdurende concentratie, altijd gericht blijven op God, zonder speelruimte voor iets anders.

58: Vreze Gods

Eigenlijk Memoria Dei en Memento Mori: leven in voortdurend besef van Gods aanwezigheid, Zijn oordeel én Zijn ontferming.

59: Waakzaamheid in de geest

Maar ook in het uiterlijke gedrag: een goed voornemen niet uitstellen, maar direct ondernemen.

60: Waakzaamheid in het uitwendige

M.n. bewaken van de zintuigen en van de tong. Geen onnutte en te lange gesprekken voeren. Het klassieke 'Ken uzelf' werd bij de woestijnvaders 'Let op uzelf'.

Ik vroeg de nacht: wijs me de weg naar het licht - ze antwoordde: volg me.
- Carla Pols -



WaalWeb Internetproducties
Zinrijk Webtechniek
© 2006-7

 

.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.
.